Foutbeeld
- Wat doet de installatie? De motor bromt of de pomp draait, maar er is geen beweging.
- Wat doet de installatie niet? Kracht wordt niet overgebracht op poort, brug of mechaniek.
- Wanneer treedt de fout op? bij het starten onder belasting.
- Permanent of sporadisch? meestal permanent, bij een zwakke condensator temperatuurafhankelijk.
Meest waarschijnlijke oorzaken
- Eenfasemotor: bedrijfscondensator zwak.
- Driefasenmotor: fase ontbreekt of contact van de magneetschakelaar defect.
- Rem ontkoppelt niet.
- Tandwielkast, ketting of hydrauliek geblokkeerd.
- Hydraulische klep opent niet.
Onmiddellijke controle
| Wat controleren? | Waar controleren? | Hoe controleren? | Nominale waarde / verwachte toestand |
|---|---|---|---|
| Handbediening/noodontgrendeling | Poortblad, geleiderails, aandrijfketting | Installatie beveiligen, mechanische loop voorzichtig controleren | Poort mag niet klemmen, geen harde punten in de loopweg |
| Geleiding en looprollen | Zijdelingse rails, rolhouders, consoles | Visuele inspectie op slijtsporen, speling en losse schroeven | Rollen lopen vrij, rail recht, bevestiging vast |
| Gewichtscompensatie | Veeras, kabels, trommels | Visuele inspectie; bij veren alleen door een vakman laten controleren | Kabels netjes op trommel, veer niet gebroken, geen kabelbreuk |
| Rem/tandwielkast | Aandrijfeenheid | Luisteren bij het starten en remspanning volgens schema meten | Rem ontkoppelt hoorbaar, motor draait zonder blokkeren |
| Netspanning | Hoofdschakelaar en voedingsklem van de besturing | Multimeter AC meten: L/N of L1-L2-L3 | 230 V AC tussen L en N of ca. 400 V AC tussen de fasen |
| 24 V stuurspanning | 24 V/0 V accessoirevoeding of klem volgens schakelschema | Multimeter DC meten, ook tijdens rijcommando | 23–28 V DC stabiel, geen inzinking onder belasting |
Meetwaarden en toestanden
| Meetpunt | Waar meten / observeren | Nominale waarde of beoordeling |
|---|---|---|
| Netspanning | Besturing/hoofdschakelaar | 230 V AC L/N of 400 V AC L1-L2-L3 |
| 24 V DC | Accessoirevoeding | 23–28 V DC stabiel, ook bij het starten |
| Veiligheidscircuit | Stop/SK/Noodstop/Loopdeur/Slappe kabel | LED AAN of 0–1 Ω bij gesloten circuit |
| Lichtscherm | Zender/ontvanger | Ontvanger vrij; uitgang schakelt duidelijk |
| Sluitrand | 8k2/OSE/SKS | 8,2 kΩ of stabiele OSE-LED |
| Motorstroom | Motorleiding tijdens bedrijf | Vergelijken met typeplaatje; overstroom = zware loop/fase/rem |
Typische oorzaak van fouten in de praktijk
Als een 230 V motor bromt en niet beweegt, is de bedrijfscondensator een typische kandidaat. Bij driefaseninstallaties eerst de fasen en magneetschakelaarcontacten controleren.
Stapsgewijze reparatie
- Installatie spanningsvrij maken en beveiligen tegen opnieuw inschakelen.
- Foutgebied lokaliseren: besturing, veiligheidscircuit, aandrijving of mechaniek.
- Onderdeel controleren: spanning, weerstand, LED-status, ingang en mechanische loop controleren.
- Defect onderdeel vervangen of leiding/klem vakkundig repareren.
- Eindposities, parameters en veiligheidsvoorzieningen na reparatie controleren.
- Functietest uitvoeren: meerdere complete ritten onder observatie.
- Veiligheidscontrole uitvoeren en geen brug in het veiligheidscircuit laten zitten.
Onderdeeladvies
Veiligheidscontact, lichtscherm, eindschakelaar of 24 V-voeding: Het juiste onderdeel wordt bepaald door de meetwaarde en de LED-status. Niet op de bonnefooi vervangen, maar ingang en onderdeel afzonderlijk controleren.
Praktijkvoorbeeld
| Punt | Praktijkgegeven |
|---|---|
| Foutbeeld | Rolluikmotor bromt, rolluik beweegt niet |
| Oorzaak | Eenfasemotor: bedrijfscondensator zwak |
| Diagnose | Ingang op de besturing bleef open; op het onderdeel was de meetwaarde buiten de nominale waarde. |
| Oplossing | Veiligheidscontact, lichtscherm, eindschakelaar of 24 V-voeding gecontroleerd, defect onderdeel vervangen, daarna ingang/LED en volledige loop getest. |
| Tijdsbesteding | 60–90 minuten |
Resultaat van de foutanalyse
Als de rolluikmotor bromt en het rolluik niet beweegt, scheid dan eerst voeding, veiligheidsketting, ingangstoestanden en mechaniek. Zodra de nominale waarde afwijkt, ligt het foutgebied vast: voeding, veiligheidsvoorziening, eindstand, uitgang of mechanisch onderdeel. Pas na deze afbakening wordt er vervangen.






Delen:
Hofschuifpoort met Sommer-besturing: Eindstand wordt bij regen niet herkend – Reparatiehandleiding met meetwaarden en programmering
Industriepoort gaat niet meer omhoog – Foutdiagnose en reparatie