Hörmann ProMatic: Geen referentierit na stroomuitval
Korte diagnose: Bij Hörmann ProMatic met storing Geen referentierit na stroomuitval, eerst de voeding, vrijgaveketen, passende ingang en veiligheidselementen meten. Geen onderdelen op verdenking vervangen: eerst ingang, dan uitgang, dan belasting controleren.
Foutbeeld
Eerste beslissing: Komt het commando aan bij de besturing? Zo nee: schakelaar, radio, externe vrijgave en kabel controleren. Zo ja: veiligheidscircuit, eindstanden, uitgang en belasting controleren.
Meest waarschijnlijke oorzaken – gesorteerd op trefpercentage
| Volgorde | Oorzaak | Sneltest |
|---|---|---|
| 1 | Eindstanden/leerfunctie niet opgeslagen of ongeldig | Controleer de status van de eindstanden, de encoderstekker en de leerfunctie. |
| 2 | AWG/encoder na stroomuitval niet plausibel | Controleer direct bij de betreffende ingang/uitgang en noteer de meetwaarde. |
| 3 | Deur staat niet in veilige startpositie | Controleer direct bij de betreffende ingang/uitgang en noteer de meetwaarde. |
| 4 | Veiligheidscircuit blokkeert referentierit | Controleer de status van de eindstanden, de encoderstekker en de leerfunctie. |
| 5 | Parameters/datum/tijd of servicevrijgave verloren | Vergelijk parameters met foutbeeld en documenteer wijzigingen. |
Directe controle aan de schakelkast
Deze controles brengen de fout meestal sneller aan het licht dan een complete vervanging van de besturing.
| Nr. | Waar controleren? | Hoe controleren? | Nominale waarde / Verwachting |
|---|---|---|---|
| 1 | Eindschakelaar, AWG/encoder, eindstandenmenu | Noteer foutmelding voor bevestiging. Moet: Referentie-/eindstandenfout duidelijk gedocumenteerd. | Eindstand status komt overeen met de werkelijke deurpositie |
| 2 | Zender, ontvanger en fotocel-ingang | Veiligheidscircuit controleren. Moet: STOP, SKS, fotocel vrij. | Status eenduidig, reproduceerbaar en passend bij het schakelschema |
| 3 | Eindschakelaar, AWG/encoder, eindstandenmenu | Eindstandgever/AWG-stekker controleren. Moet: stevige zit, geen vocht. | Eindstand status komt overeen met de werkelijke deurpositie |
| 4 | Eindschakelaar, AWG/encoder, eindstandenmenu | Deur in gedefinieerde positie brengen. Moet: volgens fabrikant instel-/referentiepositie. | Status eenduidig, reproduceerbaar en passend bij het schakelschema |
| 5 | Eindschakelaar, AWG/encoder, eindstandenmenu | Referentierit volgens handleiding starten. Moet: langzame rit, eindstanden worden herkend. | Eindstand status komt overeen met de werkelijke deurpositie |
| 6 | Eindschakelaar, AWG/encoder, eindstandenmenu | Controleren na stroom uit/stroom aan. Moet: eindstanden blijven opgeslagen. | Eindstand status komt overeen met de werkelijke deurpositie |
Meetwaarden, LED-statussen en ingangen
| Meetpunt | Beoordeling |
|---|---|
| 24 V DC stuur-/gevervoeding | Ontbreekt of zakt deze in, controleer dan eerst voeding, zekering, kortsluiting in sensoren en klemmen. |
| Eindstand-LED's tijdens rit | Geen LED-verandering betekent: commando/sensor komt niet aan of ingang is verkeerd geparametreerd. |
| AWG/encoder plausibel signaal | Onplausibele posities voorkomen automatische en referentierit. |
| Batterij/buffer indien aanwezig | Meetwaarde vergelijken met typeplaatje en schakelschema; afwijking gericht afbakenen. |
| Foutcode na opnieuw opstarten | Meetwaarde vergelijken met typeplaatje en schakelschema; afwijking gericht afbakenen. |
Belangrijk: Altijd spanning onder belasting controleren. 24 V in ruststand kan er goed uitzien en toch instorten bij het starten.
Fabrikantgerelateerde controle: Hörmann ProMatic
De snelste manier is: voeding meten, veiligheidscircuit sluiten, ingang observeren, uitgang controleren, mechanica onder belasting beoordelen. Begin niet met het duurste onderdeel.
Relevante klemmen en modules
| Klem / Module | Waarom hier controleren? |
|---|---|
| Netwerkaansluiting L/N resp. L1/L2/L3 aan de hoofdklem controleren. | Zonder stabiele voeding zijn alle vervolgmetingen waardeloos. |
| 24-V-accessoirevoeding aan de besturing meten; streefwaarde ca. 22–28 V DC. | Onderdeel kan de vrijgave- of veiligheidscircuit beïnvloeden. |
| Ingangen OPEN, DICHT, Impuls en STOP aan de gemarkeerde klemmenstrook controleren. | Hier ziet men of het commando werkelijk aankomt. |
| Veiligheidscircuit: fotocel, sluitrand, loopdeur, kabelontspanning en noodstop achtereenvolgens zonder overbrugging controleren. | Hier blokkeren de fotocel, SKS en veiligheidscontacten de rit. |
| Bij WA/ITO/B460 FU: eindstandgever, rem en FU-/motorkabel apart controleren. | Hier controleren of uitgang, motor en rem elektrisch worden gevoed. |
Foutcodes, LED-statussen of meldingen
| Melding / Status | Volgende stap |
|---|---|
| Foto maken van display of LED-knippercode voor reset. | Meldingsinformatie voor reset documenteren en controleren met ingang/LED/meetwaarde. |
| Deadman na veiligheidsfout: eerst veiligheidscircuit/SKS/fotocel controleren. | Fotocel reinigen, uitlijnen, voeding en contact controleren. |
| Fout frequentieomvormer/aandrijving: motorbeveiliging, rem, fasenvolgorde en gever controleren. | FU-code opslaan, motorstroom, hellingen, rem en mechanica controleren. |
| Geen referentie: eindstanden opnieuw inleren en mechanische eindstops controleren. | Gever, eindschakelaars, stekkerverbinding en leerfunctie controleren. |
Parameters die bij het foutbeeld passen
| Parameter / Functie | Controle |
|---|---|
| Bedrijfsmodus puls/dodemansknop | Verkeerd ingesteld leidt tot dodemansbediening of ontbrekende pulsbediening. |
| Kracht- of looptijdbewaking | Te krap ingesteld leidt tot start/stop, reverseren of thermische storing. |
| Eindstanden/leerfunctie | Verkeerd geleerd voorkomt eindstandmelding en referentierit. |
| Automatisch sluiten | Parameters vergelijken met de huidige status en wijziging documenteren. |
| Veiligheidslijst/lichtscherm geactiveerd | Verkeerd geparametreerd blokkeert DICHT of automatisch. |
| FU-hellingen bij B460 FU | Verkeerde hellingen of snelheid veroorzaken een trage/onrustige loop. |
Bekende zwakke punten uit de praktijk
| Zwakke plek | Praktische controle |
|---|---|
| vervuilde reflexiesensor | Reinigen, uitlijnen, voeding meten, relaiscontact testen. |
| Loopdeurcontact met los contact | Contact mechanisch indrukken, elektrisch meten en tijdens beweging observeren. |
| Toetsenbord/bedieningseenheid reageert niet correct | Visuele inspectie is niet voldoende: meten, bewegen, opnieuw meten. |
| Rem op WA-aandrijving plakt | Remspanning meten, losmaken horen, mechanische wrijving controleren. |
| Eindstand na stroomuitval verloren | Stekker zekeren, sensor bedienen, eindstanden opnieuw inleren. |
Typische oorzaak van storingen in de praktijk
Na een stroomuitval is vaak niet de stroomuitval zelf het probleem, maar een encoderstekker of veiligheidscircuit dat de noodzakelijke referentierit verhindert.
Bij Hörmann ProMatic extra aandacht voor: Eerst meten, dan vervangen. De meest voorkomende oorzaken zijn sensoren, vrijgaveketen, eindstand en mechanica – niet direct de besturingsprintplaat.
Stapsgewijze reparatie
- Installatie beveiligen: gebied afzetten, rijweg vrijmaken, hoofdschakelaar uitschakelen en beveiligen tegen opnieuw inschakelen. Werkzaamheden aan 230/400 V, remmen, frequentieomvormer, hoofdschakelaar of motoraansluiting mogen alleen door een elektricien worden uitgevoerd. Voor elke weerstands- of doorgangsmeting de installatie volledig spanningsvrij schakelen en beveiligen tegen opnieuw inschakelen.
- Onderdeel afbakenen: Voor dit foutbeeld eerst controleren of de besturing de eindstanden, encoderwaarde of vrijgave na stroomuitval heeft verloren, pas daarna de motor of besturing verdenken.
- AWG/encoder / bufferbatterij / eindschakelaar lokaliseren: Klem, kabel en onderdeel markeren aan de hand van de opschrift en het schakelschema. Foto's maken voordat u iets loskoppelt.
- Meting uitvoeren: voeding, ingang, contact/weerstand en LED-status meten. Resultaat noteren; geen onderdeel vervangen, alleen omdat het "verdacht uitziet".
- Onderdeel vervangen of repareren: AWG/encoder / bufferbatterij / eindschakelaar alleen vervangen door een passend type volgens typeplaatje/schakelschema. Klemmen vastzetten, trekontlasting plaatsen, kabel beveiligen tegen schuren.
- Functietest: Individuele functie aan de ingang controleren, vervolgens complete OPEN- en DICHT-rit uitvoeren. Foutgeschiedenis opnieuw controleren.
- Veiligheidscontrole: Noodstop, fotocel, sluitrand/SKS, loopdeur en eindstanden actief testen. Bij automatische loop omkering en voorwaarschuwing documenteren.
Reserveonderdelenadvies
Typisch reserveonderdeel: AWG/encoder / bufferbatterij / eindschakelaar
Functie: Deze componenten leveren of bewaren de positie-informatie. Zonder geldige positie geeft de besturing de automatische modus niet vrij.
Vervanging: Installatie spanningsvrij schakelen, klemmenbezetting fotograferen, aders markeren, onderdeel vervangen, klemmen aandraaien, trekontlasting controleren en daarna meetwaarde/functie opnieuw documenteren.
Andere onderdelen die men bij deze installatie in het oog moet houden:
- Hörmann bedieningseenheid/stuurprintplaat
- Lichtscherm
- Sluitrandbeveiliging
- Loopdeurcontact
- Eindstandgever
- Rem/remgelijkrichter
Praktijkgeval
| Punt | Beschrijving |
|---|---|
| Foutbeeld | Na stroomuitval rijdt de deur alleen nog langzaam en vraagt om referentie. |
| Diagnose | Veiligheidscircuit vrij, AWG-signaal echter tijdelijk weg. |
| Oorzaak | Stekker aan de gever los door trillingen. |
| Oplossing | Stekker gezekerd, referentierit uitgevoerd, stroom uit-test geslaagd. |
| Tijdsinvestering | 50 minuten |
Eindcontrole na reparatie
- Minimaal drie complete rijcycli OPEN/DICHT uitvoeren zonder foutmelding.
- Noodstop bedienen: Installatie moet onmiddellijk stoppen en mag pas na ontgrendeling weer vrijgeven.
- Lichtscherm onderbreken tijdens DICHT-rit: Sluitrit moet stoppen of omkeren, afhankelijk van de installatie.
- Sluitrand/SKS testen met geschikt testobject: Reactie en omkeerweg controleren.
- Eindstanden OPEN/DICHT controleren: Display, vergrendeling, verkeerslicht/vrijgave moeten correct omschakelen.
- Meetwaarden, vervangen reserveonderdeel en foutcode documenteren in het onderhoudsprotocol.
Opmerking: Klemmenaanduidingen kunnen afwijken afhankelijk van het bouwjaar, de optieprintplaat en de uitvoering. Het schakelschema van de specifieke installatie blijft altijd leidend.






Delen:
Hofschuifpoort met Sommer-besturing: Eindstand wordt bij regen niet herkend – Reparatiehandleiding met meetwaarden en programmering
Industriepoort gaat niet meer omhoog – Foutdiagnose en reparatie