GFA TS 971: Start kort en stopt dan weer
Korte diagnose: Bij GFA TS 971 met storingsbeeld Start kort en stopt dan weer eerst de voeding, vrijgaveketen, passende ingang en veiligheidselementen meten. Geen onderdelen op vermoeden vervangen: eerst ingang, dan uitgang, dan belasting controleren.
Storingsbeeld
Eerste beslissing: Komt het commando aan bij de besturing? Indien nee: schakelaar, radio, externe vrijgave en leiding controleren. Indien ja: veiligheidscircuit, eindposities, uitgang en belasting controleren.
Meest waarschijnlijke oorzaken – gesorteerd op trefkans
| Volgorde | Oorzaak | Sneltest |
|---|---|---|
| 1 | Veiligheidscontact opent door trilling | Uitvoeren van controle direct op de betreffende ingang/uitgang en meetwaarde noteren. |
| 2 | Rem komt niet vrij of motorstroom stijgt direct | Mechanisme ontgrendelen, rem controleren, motorstroom meten. |
| 3 | Eindpositie wordt verkeerd herkend | Eindpositie status, encoderstekker en leerbeweging controleren. |
| 4 | Looptijd-/krachtbewaking grijpt in | Uitvoeren van controle direct op de betreffende ingang/uitgang en meetwaarde noteren. |
| 5 | Voeding zakt in bij start | 230/400 V ingang en 24 V DC onder belasting meten; zekeringen op doorgang controleren. |
Directe controle in de schakelkast
Deze controles brengen de fout meestal sneller aan het licht dan een complete vervanging van de besturing.
| Nr. | Waar controleren? | Hoe controleren? | Nominale waarde / Verwachting |
|---|---|---|---|
| 1 | Besturing/X5/X6 sensorvoeding | Meet 24 V DC tijdens start. Moet: stabiel blijven boven 22 V DC. | 22–28 V DC stabiel, ook bij commando |
| 2 | Direct op besturing en component | Veiligheids-LED's tijdens beweging observeren. Moet: geen flikkering. | LED/Input wisselt eenduidig en flikkert niet |
| 3 | Rem/remgelijkrichter op de aandrijving | Rem mechanisch horen/controleren. Moet: komt schoon vrij voor motorloop. | Rem komt hoorbaar en volledig vrij |
| 4 | Motoraansluiting / contactor / FU-uitgang | Motorstroom bij start met tang meten. Moet: onder nominaal stroombereik volgens typeplaatje, geen massieve piekwaarde. | onder nominale stroom volgens typeplaatje, geen sterke sprong |
| 5 | Eindschakelaars, AWG/Encoder, eindpositiemenu | Eindpositie status tijdens start controleren. Moet: geen onmiddellijke overgang naar eindpositie. | Eindpositie status komt overeen met de werkelijke poortpositie |
| 6 | Direct op besturing en component | Poort mechanisch ontgrendelen en soepele loop controleren. Moet: geen harde blokkade. | Status eenduidig, reproduceerbaar en passend bij het schakelschema |
Meetwaarden, LED-statussen en ingangen
| Meetpunt | Beoordeling |
|---|---|
| 24 V DC onder belasting | Indien deze ontbreekt of instort, eerst voeding, zekering, kortsluiting in sensoren en klemmen controleren. |
| Motorstroom L1/L2/L3 of eenfase L | Te hoog: mechanisme/rem/motor controleren. Te laag ondanks commando: uitgang/contactor/vrijgave controleren. |
| Schakelaarspoelspanning tijdens start | Meetwaarde vergelijken met typeplaatje en schakelschema; afwijking gericht afbakenen. |
| Eindstand-LED verandert niet direct | Geen LED-verandering betekent: commando/sensor komt niet aan of ingang is verkeerd geparametreerd. |
| Isolatie-/weerstandstest alleen spanningsloos | Meetwaarde vergelijken met typeplaatje en schakelschema; afwijking gericht afbakenen. |
Belangrijk: Altijd spanning onder belasting controleren. 24 V in nullast kan er goed uitzien en bij het starten toch inzakken.
Fabrikantgerelateerde controle: GFA TS 971
Bij GFA TS970/TS971/TS981 leveren X5, X6 en de deurblad-/ST-circuits de snelste resultaten. X6.1-X6.2 is bijzonder belangrijk bij lichtschermfouten, X5.1-X5.4 bij ontbrekende commando's.
Relevante klemmen en modules
| Klem / Module | Waarom hier controleren? |
|---|---|
| X5.1 tot X5.4 = externe bedieningseenheden. OPEN/DICHT/STOP/Puls op ingang controleren. | Hier ziet men of het commando echt aankomt. |
| X6.1 tot X6.2 = lichtscherm resp. doorrijdlichtscherm. Contact moet afhankelijk van de functie sluiten/vrijgeven. | Hier blokkeren lichtscherm, SKS en veiligheidscontacten de rit. |
| Bij TS 981 bovendien X15.1 tot X15.4 voor externe bedieningseenheden buiten controleren. | Hier ziet men of het commando echt aankomt. |
| ST/ST+ resp. deurblad-/klemmenkast: loopdeur, kabeldoorhangschakelaar en veiligheidsrand controleren. | Hier blokkeren lichtscherm, SKS en veiligheidscontacten de rit. |
| X2-stekkerverbinding naar deurbladmodule/klemmenkast op vaste pasvorm controleren. | Hier controleren of uitgang, motor en rem elektrisch worden gevoed. |
Foutcodes, LED-statussen of meldingen
| Melding / Status | Volgende stap |
|---|---|
| F2.1: Lichtstraal onderbroken of X6.1-X6.2 open. | Lichtscherm reinigen, uitlijnen, voeding en contact controleren. |
| F2.8: Controle van de pneumatische veiligheidslijst negatief. | Sluitrand, weerstand, optische sensor, spiraalkabel en parameters controleren. |
| F2.9: optische sluitrand geactiveerd of beschadigd. | Sluitrand, weerstand, optische sensor, spiraalkabel en parameters controleren. |
| F5.6: Looptijd overschreden; looptijd en mechanisme controleren. | Mechanisme, looptijdparameters, motorstroom en eindposities controleren. |
| Melding „No safety edge“: Veiligheidsrand, WSD of spiraalleiding controleren. | Sluitrand, weerstand, optische sensor, spiraalkabel en parameters controleren. |
Parameters die overeenkomen met het foutbeeld
| Parameter / Functie | Controle |
|---|---|
| Bedrijfsmodus .3/.4 voor automatische functies | Verkeerd ingesteld leidt tot dode-manschakeling of ontbrekende impulsbediening. |
| Looptijdbewaking | Te krap ingesteld leidt tot start/stop, reverseren of thermische fout. |
| Vooreindschakelaar S5 | Verkeerd aangeleerd verhindert eindpositiemelding en referentiebeweging. |
| SKS-type optisch/8k2/pneumatisch | Verkeerd geparametreerd blokkeert DICHT of automatisch. |
| WSD-radiomodule ingeleerd | Verkeerd ingeleerd verhindert eindpositiemelding en referentiebeweging. |
| Automatische sluiting/voorwaarschuwing | Bepaalt wanneer signaalgevers schakelen. |
Bekende zwakke punten uit de praktijk
| Zwak punt | Praktische controle |
|---|---|
| Open klemmen X6.1-X6.2 door verschoven lichtscherm | Reinigen, uitlijnen, voeding meten, relaiscontact testen. |
| Defecte WSD-zender of lege batterij | Stekker zekeren, sensor bedienen, eindposities opnieuw inleren. |
| Aderbreuk in spiraalkabel | Aders afzonderlijk meten en leiding bewegen; waarde mag niet springen. |
| Loopdeurcontact in deurbladkast open | Contact mechanisch indrukken, elektrisch meten en tijdens beweging observeren. |
| Rem komt niet schoon vrij | Remspanning meten, vrijkomen horen, mechanisch slepen controleren. |
Typische oorzaak uit de praktijk
Bij een korte start/stop vindt men vaak een trillend loopdeurcontact, een klevende rem of een zwaar lopende poort. De besturing is dan zelden de eerste oorzaak.
Bij GFA TS 971 bijzonder belangrijk: Bij TS-besturingen altijd foutcode en X5/X6/ST-circuit noteren voordat wordt bevestigd.
Stap-voor-stap reparatie
- Installatie beveiligen: gebied afzetten, rijweg vrijmaken, hoofdschakelaar uitschakelen en beveiligen tegen opnieuw inschakelen. Werkzaamheden aan 230/400 V, remmen, frequentieomvormer, hoofdschakelaar of motoraansluiting uitsluitend door gekwalificeerde elektriciens. Schakel voor elke weerstands- of doorgangsmeting het systeem allpolig spanningsvrij en beveilig het tegen opnieuw inschakelen.
- Onderdeel afbakenen: Voor dit storingsbeeld eerst controleren of startvrijgave aanwezig is, maar direct wordt afgebroken door veiligheid, rem, motorstroom of looptijd, dan pas motor of besturing verdenken.
- Rem / remgelijkrichter / veiligheidscontact lokaliseren: klem, leiding en onderdeel markeren aan de hand van de opschriften en het schakelschema. Foto's maken voordat ze worden losgekoppeld.
- Meting uitvoeren: voeding, ingang, contact/weerstand en LED-status meten. Resultaat noteren; geen onderdeel vervangen alleen omdat het "verdacht lijkt".
- Onderdeel vervangen of repareren: rem / remgelijkrichter / veiligheidscontact alleen vervangen door een passend type volgens typeplaatje/schakelschema. Klemmen vastdraaien, trekontlasting aanbrengen, leiding beveiligen tegen doorschuren.
- Functietest: Individuele functie op de ingang controleren, vervolgens complete OPEN- en DICHT-beweging uitvoeren. Foutgeschiedenis opnieuw controleren.
- Veiligheidscontrole: Noodstop, lichtscherm, sluitrand/SKS, loopdeur en eindposities actief testen. Bij automatische loop reversering en voorwaarschuwing documenteren.
Onderdeeladvies
Typisch reserveonderdeel: Rem / remgelijkrichter / veiligheidscontact
Functie: Deze componenten bepalen of de motor vrij kan starten en of de vrijgave tijdens de beweging behouden blijft.
Vervanging: Installatie spanningsvrij schakelen, klemmenbezetting fotograferen, aders labelen, component vervangen, klemmen opnieuw vastdraaien, trekontlasting controleren en daarna meetwaarde/functie opnieuw documenteren.
Andere onderdelen die men bij deze installatie in de gaten moet houden:
- GFA TS970/TS971/TS981 besturing
- WSD-deurmodule of spiraalkabel
- Lichtscherm voor X6
- Veiligheidslijst optisch/8k2/pneumatisch
- Remgelijkrichter/rem
- Eindschakelaar/AWG
Praktijkgeval
| Punt | Beschrijving |
|---|---|
| Foutbeeld | Poort beweegt 10 cm en stopt zonder duidelijke melding. |
| Diagnose | 24 V stabiel, maar STOP-LED flikkerde bij het opstarten. |
| Oorzaak | Loopdeurcontact had speling en opende door trilling. |
| Oplossing | Contact vervangen en deur afgesteld; daarna 5 rijcycli zonder onderbreking. |
| Tijdsbesteding | 40 minuten |
Eindcontrole na de reparatie
- Minimaal drie complete rijcycli OPEN/DICHT uitvoeren zonder foutmelding.
- Noodstop bedienen: Installatie moet onmiddellijk stoppen en pas na ontgrendeling weer vrijgeven.
- Lichtscherm onderbreken tijdens DICHT-beweging: Sluitbeweging moet stoppen of reverseren, afhankelijk van de installatie.
- Sluitrand/SKS testen met geschikt testobject: Reactie en reverseringsweg controleren.
- Eindposities OPEN/DICHT controleren: Display, vergrendeling, verkeerslicht/vrijgave moeten correct omschakelen.
- Meetwaarden, vervangen reserveonderdeel en foutcode documenteren in het onderhoudsrapport.
Opmerking: Klemmenaanduidingen kunnen afwijken afhankelijk van bouwjaar, optieprintplaat en uitvoering. Het schakelschema van de specifieke installatie blijft altijd leidend.






Delen:
Hofschuifpoort met Sommer-besturing: Eindstand wordt bij regen niet herkend – Reparatiehandleiding met meetwaarden en programmering
Industriepoort gaat niet meer omhoog – Foutdiagnose en reparatie